
Wie droomt er af en toe niet van een baan in een fijn buitenland? Zeker binnen de Europese Unie is het niet moeilijk om in een ander land aan de slag te gaan. Maar ook over de grens moet er ciabatta of knackebröd op tafel komen. VKbanen zocht uit in welke landen en sectoren je moet zijn voor een goede baan.
De dag steevast beginnen met een Italiaanse cappuccino of een verse croissant, ‘s middags met je collega’s naar de pub of elk weekend skiën: wie droomt er niet van om een verblijf in een vakantieland om te toveren tot dagelijkse realiteit?
37 procent van de Nederlanders denkt volgens de Emigratiemonitor 2009 serieus na over een verhuizing naar het buitenland. De meerderheid droomt over een Europees land. 5 procent van de mensen tussen 25 en 39 jaar heeft al eens in een ander EU-land gewoond, blijkt uit onderzoek van de researchafdeling van loonverwerker ADP.
|
Zelf naar het buitenland? |
Maar ook over de grens moet er ciabatta, baguette of knackebröd op tafel komen. VKbanen zocht daarom uit of er landen zijn die tijdens de economische crisis moedig standhouden. Zijn er nog groeisectoren die immuun blijken voor de crisis, of juist daar hun groei aan ontlenen?
Om maar met de deur in huis te vallen: Nederland blijft een van de beste landen om je geld te verdienen. Wel is de werkloosheid gestegen: zat eind 2008 3,9 procent van de beroepsbevolking zonder werk, nu is dat al opgelopen tot 5,6 procent. Maar daarmee is Nederland nog altijd de beste leerling van de Europese klas.
|
TOP 5 massa-ontslagen april tot december 2009 |
'De bomen groeiden tot de hemel'
‘In de huidige economie bestaat geen plek zoals het Dublin van zes jaar
geleden, waar een overdaad aan mogelijkheden was’, zegt onderzoeker John
Hurley. Hij werkt bij Eurofound,
de in de Ierse hoofdstad gelegen Europese stichting die ijvert voor de
verbetering van leef- en werkomstandigheden in de EU.
‘De bomen groeiden hier tot in de hemel. Maar die tijd is voorbij. Ook de banken in Londen en Luxemburg, die tot voor kort goedbetaalde banen in overvloed hadden, zijn aan het snijden geslagen. De crisis is in de hele Europese Unie voelbaar.’
Waar kun je als buitenlander terecht?
In anderhalf jaar tijd zijn in Europa 6,1 miljoen banen verloren gegaan,
becijferde de International
Labour Organization (ILO). Waar kun je als buitenlander nog wel terecht?
Meestal niet in de metaal- of chemische industrie, de bouw of de
distributie, want die hebben in veel landen erg te lijden van de crisis.
Al geldt dat niet overal: de werkgelegenheid in de Spaanse bouwsector mag dan
met 25 procent gedaald zijn, in Slowakije steeg de vraag met 5 procent. Ben
je metselaar en wil je emigreren, dan kun je dus momenteel het beste voor
Slowakije of Slovenië kiezen, zegt Egbert Holthuis, een Nederlander die
werkt bij het Directoraat-Generaal Arbeidsrelaties van de Europese
Commissie.
Structurele zwakte
Voormalige ‘groeitijgers’ moeten volgens Holthuis juist vermeden worden.
‘Spanje, Ierland en de Baltische staten zijn al sinds 2007 in recessie. De
structurele zwakte van de economie van die landen wordt nu uitvergroot. Het
aantal nieuwe banen daalt, en de werkloosheid is omhoog geschoten.’ De
landen kampen met een werkloosheid van tussen de 13 en 20 procent. De Letse
en Litouwse economieën krompen in 2009 met 17,5 procent, de Estse met 13,6
procent.
|
TOP 5 Nieuwe wervingen april tot december 2009 |
Ook de overheid is geen veilige keuze meer. Tot nu toe zijn onderwijs, gezondheidszorg, ambtenarij en culturele sector redelijk gespaard gebleven, omdat in die sectoren wordt gewerkt met (meer-) jaarlijkse budgetten, waarin niet zomaar kan worden gesneden. Maar dat blijft niet zo, zegt Hurley, de Ierse onderzoeker.
‘De publieke sector is erg uitgedijd. Het is redelijk voorspelbaar dat de komende jaren druk zal ontstaan om daar te snijden.’ Overal in Europa hebben regeringen in hun begrotingen voor dit jaar al stevig gewied in de kosten van cultuur, ambtenarij en onderwijs.
Wie geen bijzondere werkervaring in huis heeft, kan ook maar beter niet naar Zuid-Europese landen als Griekenland, Spanje of Italië vertrekken, raadt Paulien Osse aan, medewerkster van WageIndicator.org, een internationale organisatie die de salarisvergelijkingen uitvoert in 46 landen – in Nederland bekend van de website Loonwijzer.nl.
Er is weinig werk te vinden, en de lonen zijn laag. Osse: ‘Aan de andere kant: wie iets bijzonders te bieden heeft, redt het ook nu wel. Ik ken een clubje dat fietsen verhuurt in Spanje, en dat draait heel goed. Het is goedkoop en milieuvriendelijk, precies wat mensen nu willen.’
Groot geheim: Polen
Er is één land in Europa dat moedig weerstand biedt aan de vloedgolf van
economische malaise. Eén landje, hoe onverwacht ook, en dat heet Polen, het
enige Europese land waar de economie sinds het begin van de crisis niet is
gekrompen. Het bruto nationaal product (bbp) per hoofd van de bevolking
steeg vorig jaar zelfs met 1,2 procent. Dat klinkt misschien zuinig, maar
niet als alle andere landen in moeten leveren.
Waarom doet die Poolse economie het zo goed? ‘Het gevolg van een goed economisch beleid’, zegt Frank Cörvers, directeur van het Researchcentrum Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) aan de Universiteit Maastricht. Dat beleid stamt van voor de crisis, zegt hij. ‘De afgelopen jaren heeft de Poolse regering flink geïnvesteerd in nieuwe industrie. De afgelopen jaren is het land door een diep dal gegaan, want je moet eerst afbreken voor de concurrentie kunt aangaan. Dat heeft geloond. Veel werk uit hoge loonlanden werd overgeheveld richting het oosten.’
Voordelen uitbuiten
John Hurley van Eurofound beaamt: ‘Poolse vakkrachten die uit het Westen
terugkeren, kunnen de voordelen van hun werkervaring, talenkennis en
internationale connecties uitbuiten.’ Een bijkomende reden is de relatief
kleine exportsector waardoor het land minder afhankelijk is van de
internationale handel dan bijvoorbeeld handelsland Nederland. Maar voor een
Nederlander is het niet makkelijk om naar Polen te vertrekken, zegt Frank
Cörvers. ‘De lonen zijn er lager, en de Polen zelf keren terug, want het
gaat er relatief beter dan in de West-Europese landen waar ze naartoe
geëmigreerd waren.’
Maar wie naar het buitenland wil en geen mondje Pools praat, hoeft nog niet te wanhopen. Verpleegkundigen, loodgieters of vrachtwagenchauffeurs hoeven zich van al het voorgaande niets aan te trekken. Ook iedereen in de bètahoek zit sowieso gebeiteld. De tekorten in die sectoren zijn zo groot en het aantal kandidaten zo gering dat je altijd makkelijk werk zal vinden.
Ook de distributie en de detailhandel blijven een goede keuze. Mensen consumeren nog altijd noodzakelijke goederen als voeding en kleding en die moeten ergens vandaan komen. Wel verschuift de interesse van naam en design naar goedkopere producten. Supermarktketens als Aldi en Lidl hebben daarom de wind mee. Eén van de weinige bedrijven die in 2009 aankondigde een paar duizend mensen te gaan werven is de Belgische discountketen Colruyt, die zichzelf aanprijst met zijn lage prijzen en merkloze producten.
Groen is werk
Sommige sectoren floreren, ondanks of soms juist dankzij de crisis. Economen
verwachten in de toekomst bijvoorbeeld veel werkgelegenheid in duurzaamheid,
afvalverwerking en (groene) energie.
De Europese vakbond voorspelt binnen de tien jaar twee miljoen banen in de groene sector, op voorwaarde – en daar zit ‘m de crux – dat de EU-landen serieus investeren in de sector. De Europese Commissie zelf schat de winst ‘maar’ op 100- tot 400 duizend extra banen, omdat er tegelijk ook banen verloren zullen gaan in de traditionele energiesector.
‘Het is een bekend refrein, maar het klimaat staat hoog op de agenda. Overheidsgeld kan het aantal groene banen doen stijgen. Dat zijn hoogwaardige, kennisintensieve banen op het gebied van onderzoek en engineering’, zegt onderzoeker Hurley.
Autosector
Als voorbeeld noemt hij het Clean Industry Fund, dat onder meer onderzoek
financiert naar schone energie voor auto’s. Logisch, vindt Hurley, de
autosector is een belangrijke werkgever in de EU en internationaal
concurrerend. Maar ook in de zonne- en windenergie zijn banen te vergeven.
‘Denemarken is internationaal groot in windturbines, Duitsland op het gebied
van zonne-energie.’
Toch moeten we ons niet rijk rekenen. De voorspelling van twee miljoen nieuwe banen noemt hij ‘kunst, geen wetenschap.’ Ook Frank Cörvers blijft sceptisch. ‘Er gaat veel geld in om, maar het aantal banen valt nog tegen. Vergelijk het met de Nederlandse gasproductie: die is enorm, maar hoeveel mensen zijn erin aan het werk?’
Gelukkig is de eerste glimp van economisch herstel alweer in zicht. Aan het eind van 2009 trok de groei in grote landen als Frankrijk en Duitsland weer aan. Economen wachten in spanning af of dat een pril herstel inluidt, of dat het ‘kunstmatig’ is en alleen gaat om het aanvullen van de voorraden die door de crisis zijn opgeraakt.
Harder werken
Maar als de economie straks echt weer aantrekt, betekent dat niet meteen een
banenboom. Holthuis van de Europese Commissie: ‘Eerst gaan de mensen die nog
werk hebben, nog harder werken. Pas daarna worden nieuwe mensen aangenomen.’
Zijn dienst verwacht eind 2010 een gemiddelde werkloosheid van 11 à 12 procent in de EU – in juli vorig jaar was dat nog 9 procent. De landen met de laagste werkloosheidscijfers zijn Nederland, Oostenrijk, Denemarken, Tsjechië, Cyprus, Roemenië en Slovenië.
Landen als Griekenland en Roemenië hebben minder personeel in grote bedrijven, maar meer in familiebedrijfjes en mkb, legt Holthuis uit. Daardoor is de werkloosheid laag, maar dat betekent nog niet dat de economie goed is, zoals in Griekenland de afgelopen maanden pijnlijk duidelijk werd.
Lage werkloosheid, hoge lonen, goede arbeidsvoorwaarden: je zou het slechter kunnen treffen dan Nederland. Het gras blijkt felgroen op het Hollandse gazon. Maar wie weet is er ook ergens in het buitenland een mooi grastapijtje te vinden.
Heb je moeite met het vinden van je droombaan of kun je advies gebruiken ...
Een meerderheid (61 procent) van de professionals wil niet meer dan 30 ...
Nederlandse HR-managers beslissen zeer snel of een kandidaat in aanmerking ...