In 2003 kwam de Zoetermeerse firma Mariëndijk Intermediair in opspraak. Het handelsinformatiebureau peuterde jarenlang vertrouwelijke gegevens los bij banken, verzekeraars, de belastingdienst, woningcorporaties.
‘Hallo met collega Patrick. Mijn computer ligt plat. Kun jij wat voor me opzoeken?’ Met dit soort pretexting verkocht ‘informatiemakelaar’ M.K. twee jaar lang allerlei privé-informatie over autobezit, strafbladen en zelfs saldo-informatie door aan Mariënberg. Het bureau verpatste de gegevens op zijn beurt aan opdrachtgevers als advocatenkantoren als Nauta Dutilh en De Brauw Blackstone Westbroek, en banken als ING en ABN Amro. Die wilden de gegevens hebben om inzicht te krijgen in de financiële situatie van bepaalde personen.
M.K. werd door de rechtbank van Den Haag veroordeeld tot een half jaar cel, en tegen de directie van Mariënberg loopt nog een zaak in hoger beroep. Maar de opdrachtgevers bleven buiten schot.
Terwijl die instellingen heel goed konden weten dat de gekochte informatie illegaal verkregen was, zegt Bob Hoogenboom, hoogleraar Fraudewetenschappen aan de Nyenrode Universiteit. ‘Die bedrijven hebben, net als Hewlett Packard, boter op hun hoofd’, zegt hij. ‘Enerzijds benadrukken ze het belang van eerlijk en transparant bestuur en zakelijke ethiek, anderzijds maken ze gebruik van dit soort schimmige methodes om aan informatie te komen.’
Het verweer van de opdrachtgevers: zodra ze vernomen hadden dat Mariënberg verdacht werd van illegale praktijken, beëindigden ze de samenwerking.
EscenicId: 607245