
Het adagium van onderzoeker Kees Korevaar is: goede baan - blijf niet stilzitten.
Veel werknemers zijn te afhankelijk, vindt Kees Korevaar. Te afhankelijk van hun werkgever, de arbeidsmarkt en de verzorgingsstaat. ‘Elke medewerker moet leren om zich te blijven ontwikkelen. Dat is wat anders dan aanpassen, zoals nu gebruikelijk is. Iedereen, van jong tot oud en van hoog- tot laagopgeleid, moet vijf jaar vooruit leren kijken.’
Korevaar (60) was zo’n dertig jaar adviseur bij diverse FNV-bonden op het gebied van arbeidsvoorwaarden. Sinds 2002 werkt hij bij arbeidsonderzoeksbureau IVA, dat verbonden is aan de Universiteit van Tilburg. Volgende week verschijnt zijn boek Op eigen kracht, een pleidooi om de autonomie van werknemers te vergroten.
Korevaar: ‘De kenniseconomie is er voor de happy few. Die groep redt zich wel, maar de rest van de werknemers niet. Het is belangrijk om iedereen mee te nemen, want de verzorgingsstaat trekt zich steeds meer terug.
‘Het motto ‘een leven lang leren’ moet ook voor laagopgeleiden gelden. Dat is nu niet het geval, waardoor zogeheten ‘fuikfuncties’ ontstaan. Hoe langer je een beroep als schoonmaker uitvoert, hoe lastiger het is om eruit te komen.’
Wat is de oplossing?
‘Bij 80 procent van de functioneringsgesprekken worden de vragen gewoon afgevinkt. Bij wijze van spreken nog voordat iemand antwoord heeft gegeven.
|
Duurzaam inzetbaar Ook vakbonden en werkgevers moeten nadenken wat ze over vijf jaar bereikt willen hebben. In het geval van FNV Bondgenoten, CNV Vakmensen, De Unie en werkgeversvereniging AWVN heeft dat vorige week geresulteerd in een manifest. De vier organisaties willen de ‘duurzame inzetbaarheid’ van werknemers vergroten. Werknemers moeten gemotiveerd hun pensioen halen, waardoor werkgevers optimaal gebruik kunnen maken van hun vakmanschap. Op de voorwaarde dat werknemers zich willen blijven ontwikkelen, gaan werkgevers scholing aanbieden. Volgens de organisaties is het voor het eerst dat beide partijen elkaar vinden in zo’n gezamenlijke cao-visie. |
‘Eigenlijk moet er één vraag centraal staan: waar zie je jezelf over vijf jaar? Personeelszaken stelt die niet omdat een van de antwoorden als te bedreigend wordt ervaren, namelijk: bij een ander bedrijf. Terwijl de vraag noodzakelijk is om eigen initiatief te stimuleren.’
Dat tonen werknemers te weinig?
‘Vooral laagopgeleiden denken niet na over de toekomst. Eenmaal een goede baan betekent altijd een goede baan. Die gedachte stamt uit de ‘oude’ economie, met een baan voor het leven en vaste werktijden. Zo zijn er 1,2 miljoen mensen die al twintig jaar niet meer van functie veranderd zijn. Zij zien zelf de bui ook al hangen: ze zijn 55 jaar oud en krijgen nu te horen dat ze langer moeten doorwerken.’
Werkgevers helpen toch wel?
‘Dat klopt. Werkgevers zetten zich al jaren in voor de ontplooiing van hun werknemers. Maar het wordt nu ook tijd voor mobiliteit, en dat betekent vaak: buiten de deur. Dat is conflictueus voor werkgevers, want het gaat in tegen de directe belangen van de organisatie.
‘Neem het beroep van politieagent. Dat lijkt mij heel leuk, maar om nou dertig jaar elk weekeinde voor de disco te staan? Want dat is wat je uiteindelijk doet. Mobiliteit voor een politieagent betekent dat je een leidinggevende functie krijgt bij een beveiligingsbedrijf.’
Meer verantwoordelijkheid dus?
‘De opdracht is om moeilijker werk te bedenken, ook voor laagopgeleiden. Ik vind dan ook dat langer werken en demotie onverenigbaar zijn. Als we van werknemers verlangen dat ze langer werken, dan moet er juist een scheut adrenaline in.
‘Een goed voorbeeld is Corus. Dat is een modern opleidingsbedrijf, met een eigen bedrijfsschool. Bij Corus lopen personen rond die begonnen zijn met een vmbo-diploma en die nu werken boven hts-niveau. Naarmate ze ouder zijn en meer ervaring hebben, krijgen ze steeds meer verantwoordelijkheid.’
Kan ‘een leven lang leren’ dan slechts bij grote bedrijven?
‘Het is inderdaad lang niet altijd even gemakkelijk, want bij sommige bedrijven heerst een monocultuur. Zoals in de kleinmetaalindustrie, waar bedrijven vaak één doel hebben: repareren. Bij die bedrijven werken gemiddeld tien mensen. Dan ben je op een gegeven moment uitgegroeid, maar dat wordt liever verzwegen.
‘Cruciaal is dan horizontale mobiliteit. Dat werknemers op z’n minst een baan zoeken op hetzelfde niveau en met hetzelfde salaris, maar dan bij een andere onderneming. Overstappen naar een andere sector is ook mogelijk. Arbouw - een stichting die zich bezighoudt met arbeidsomstandigheden in de bouw - is daar sinds tien jaar mee bezig. De stichting begeleidt bouwvakkers naar een nieuwe baan als conciërge of bewaker.’
Meer organisaties zouden dat moeten doen?
‘Ja, maar gelukkig gaat de knop bij de vakbonden om. De druk is groot, waardoor ze ook naar de inhoudelijke kant van het probleem kijken: hoe houden we mensen langer aan het werk? Er gebeurde de afgelopen twintig jaar ook wel iets. Maar de fondsen voor de ontwikkeling en opleiding van werknemers houden zich vooral bezig met bijscholing.
‘Ik vind dat de ambitie moet verdrievoudigen. Er moet veel meer geld in om werknemers tevreden aan het werk te houden. Een individu kan de overstap lang niet altijd betalen, een bedrijf ook niet. De overheid moet investeren, omdat we anders geld kwijt zijn aan de uitkeringen van uitgebluste werknemers.
'Daarom vind ik het een slecht signaal dat er wordt bezuinigd op onderwijs. Maar goed, dat is vooral voor de top. Ik merk weinig ideeën bij dit kabinet over ‘een leven lang leren’. In het regeerakkoord staat eigenlijk alleen het begrip ‘vitaliteitsregeling’, maar over de invulling is niets geschreven.’
Hoe reageren werknemers op uw pleidooi?
‘Ik krijg vaak het commentaar dat ik makkelijk praten heb, met mijn opleiding en werkervaring. Zo vertelden conducteurs me eens dat ik ze iets opdring. Toch kom ik genoeg bij bedrijven waar hbo’ers net zo vastgeroest zitten. Mijn doel is om iedereen in beweging te krijgen.’
|
Kees Korevaar: Op
eigen kracht |
Heb je moeite met het vinden van je droombaan of kun je advies gebruiken ...
Een meerderheid (61 procent) van de professionals wil niet meer dan 30 ...
Nederlandse HR-managers beslissen zeer snel of een kandidaat in aanmerking ...