
Of hun organisatie een afspiegeling van de samenleving zou moeten zijn? Een ruime meerderheid van de lezers van Volkskrant Banen (73 procent) vindt van wel. Maar of het in de praktijk ook gebeurt, dat is een ander verhaal. Slechts eenderde ziet dat in de eigen organisatie terug.
Allochtone respondenten onder de lezers zijn het vaker eens met de stelling dat bedrijven die niet actief allochtonen werven het in de toekomst moeilijk krijgen (61 versus 42 procent). Zij maken zich ook vaker sterk voor een cultureel diversiteitsbeleid (31 versus 19 procent). Van de werknemers van buitenlandse herkomst voelt 47 procent zich verantwoordelijk voor de positie van allochtone collega’s, ruim eenderde van de autochtone medewerkers deelt dat sentiment. Vorig jaar had nog maar 23 procent van die groep dat gevoel.
Allochtone vrouwen beschouwen zichzelf als ambitieuzer dan autochtone vrouwen. Ruim de helft van de allochtone vrouwen onderschrijft de stelling dat zij ambitieuzer zijn dan autochtone vrouwen, van de autochtone vrouwen onderschrijft 31,6 procent deze stelling (overigens is slechts 26 procent van de autochtone dames het niet eens met deze stelling, de rest velt geen oordeel). Hoewel beide groepen evenveel uren werken, ervaren autochtone vrouwen beduidend meer stress dan allochtone vrouwen: 48,9 procent van de autochtone dames vindt de werkdruk aan de hoge kant of te hoog, tegenover slechts 38,2 procent van hun allochtone collega’s.
Glazen plafond
‘Dat beeld zie ik bevestigd in alle netwerken en bij alle allochtone vrouwen die ik ontmoet’, zegt GITP-programmaleider Dorothé Alfrink, die het onderzoek leidde. ‘Allochtone vrouwen gaan het glazen plafond doorbreken. Zij hebben veel harder moeten knokken dan autochtonen om te kunnen studeren en passend werk te vinden. Als je er dan eenmaal bent, geef je die zelfstandigheid niet zomaar op. Daar komt ook nog de druk van de omgeving bij: in veel gezinnen hebben ouders hard gespaard om hun dochters een betere opleiding te kunnen geven dan ze zelf hebben gehad, en dan wordt daarna wel verwacht dat die vrouwen als rolmodel fungeren voor hun omgeving. De reden waarom ze minder werkdruk ervaren, is dat deze vrouwen sowieso al gewend zijn om meer ballen in de lucht te houden.’
Allochtone werknemers noemen vaker de betere carrièremogelijkheden elders als reden voor vertrek dan autochtonen (35 versus 21 procent). Dit lijkt vaak een eufemistische omschrijving voor discriminatie, want bij de open antwoorden zijn redenen terug te vinden als ‘geen allochtone collega’s’, ‘minder kans om door te groeien’, ‘ontmoediging: met twee maten meten’.
Uitdagender werk
‘Je wilt weggaan omdat je elders uitdagender werk krijgt aangeboden, niet omdat je op je huidige werkplek minder kansen hebt gekregen vanwege je dubbele achtergrond. Je wil daar niet de nadruk op leggen’, verklaart Alfrink. ‘Mensen met een dubbele cultuur zijn langer werkloos, en stromen lager in. Vaak is dat gekoppeld aan een tomeloze ambitie en een enorme gedrevenheid. Maar als je ziet dat Jan-Dirk wel meteen werk op niveau krijgt, raak je gefrustreerd en dan ga je weg. Vandaar dat allochtonen vaker doorstromen, wat bevestigd wordt door CWI-onderzoek. Nederlandse organisaties waarderen talent met een dubbele cultuur misschien niet genoeg.’
EscenicId: 716380