Vm-2, de oplossing voor schooluitval?

11/05/2010 / Marjon Bolwijn en Anna van den Breemer

Vm-2, de oplossing voor schooluitval?

Het experiment met het vm-2 is in volle gang. Op acht scholen is het vmbo en mbo tot één opleiding samengevoegd onder één dak. De eerste signalen zijn hoopgevend. Is vm-2 de oplossing om de enorme schooluitval van mbo'ers een halt toe te roepen?

De meeste jongeren volgen mbo-onderwijs. De voortijdige schooluitval onder deze leerlingen is groot. Die schooluitval is problematisch omdat de kansen op de arbeidsmarkt zonder minimaal een mbo-diploma klein zijn. Wie wel aan de bak komt, is vaak levenslang gedoemd tot een laagbetaalde baan op een laag niveau en heeft amper mogelijkheden door te groeien.

Vmbo-leerlingen behoren in de regel door te stromen naar het mbo, en in die overgang zit een deel van het probleem. Jongeren met een vmbo-diploma zijn doorgaans 16 jaar, een kwetsbare leeftijd. Zegt ook Fred Carduck. Hij is onderwijsadviseur voor Amarantis Onderwijsgroep in Amsterdam, waar zestig vmbo- en mbo-scholen met in totaal dertig duizend leerlingen onder vallen. Hij ziet een begin van een oplossing voor de grote schooluitval in het samenvoegen van vmbo en mbo tot één opleiding onder één dak: vm-2 genoemd. Op acht Amarantis-scholen is de vm-2 twee jaar geleden ingevoerd, waaronder het Waterlantcollege in Amsterdam-Noord.

Eerste resultaten

De overheid heeft 1,5 jaar geleden extra geld uitgetrokken voor experimenten zoals op het Waterlantcollege. Omdat de eerste resultaten hoopgevend zijn, zullen vanaf augustus ongeveer zeventig scholen in Nederland vmbo en mbo ineen aanbieden.

Fred Carduck van Amarantis: ‘Op hun zestiende is het brein van veel jongeren nog onvoldoende ontwikkeld om te kunnen overzien wat de consequenties zijn van hun daden en beslissingen. Jongeren van die leeftijd zijn vaak vooral met zichzelf en met elkaar bezig. Een vwo-leerling krijgt op zijn achttiende zijn diploma; die heeft twee jaar extra de tijd gekregen om over zijn toekomst na te denken. Daar willen wij met vmbo-leerlingen ook naar toe: hen langer vasthouden in het schoolgebouw.’

‘Dat doen we door hen duidelijk te maken dat ze met een vmbo-diploma nog lang niet klaar zijn, dat dit papiertje niet meer is dan een voorbereiding op het doel: middelbaar beroepsonderwijs afronden, op minimaal niveau 2.’

Soepele overgang

Voor de docenten van vmbo en mbo betekent dat: samenwerken en zorgen voor een soepele overgang van het vierde naar het vijfde leerjaar. Dat komt volgens Carduck beide onderwijsvormen alleen maar ten goede. Een veelgehoorde klacht van mbo-leerlingen is namelijk dat zij in het eerste jaar vaak stof krijgen die zij op het vmbo al hebben gehad. Niet erg motiverend. Andersom bereiden vmbo-docenten in de vm-2 hun leerlingen beter voor op het mbo. Zo bestaat het vijfde jaar grotendeels uit een stage. Dat betekent dat ze op het vmbo al een juiste beroepshouding moeten aanleren, moeten weten hoe je een sollicitatiebrief schrijft, hoe een organisatie werkt.

De grootste verandering voor leerlingen op het vm-2 is dat zij na het vmbo-diploma doorstromen naar het vijfde leerjaar, en niet naar het eerste leerjaar van het mbo. Ook blijven zij in hetzelfde schoolgebouw, met vaak dezelfde docenten, dezelfde klas en één schoolaanpak. De vertrouwde omgeving moet de kans dat deze leerlingen binnenboord blijven, vergroten.

Een andere verandering is dat zij na hun vmbo-examen niet meer drie maanden vrij hebben na hun vmbo-examen maar naar de zomerschool gaan. Erg belangrijk, zegt Fred Carduck, want veel vmbo'ers raken na hun diploma verloren voor het onderwijs omdat ze met de lange zomervakantie hun genoten vrijheid moeilijk kunnen opgeven voor een vervolgstudie. Sommigen vergeten zich aan te melden voor een mbo-opleiding of doen dat laat.

Schooluitval

Om de schooluitval te lijf te gaan, houdt Amarantis zijn vmbo'ers beter in de smiezen. Wie zich na de zomerschool niet meldt voor het vijfde leerjaar, dus eigenlijk het eerste mbo-jaar, die wordt door de school opgespoord en achter de broek gezeten. ‘Voorheen was de houding dat het de eigen verantwoordelijkheid is van de leerling of hij verder leert. Daar zijn we vanaf. Jongeren op die leeftijd zijn te kwetsbaar om hen die verantwoordelijkheid te geven, die moeten we in hun eigen belang bij de hand nemen.’

Het is nog te vroeg voor conclusies, maar, zegt Fred Carduck, de eerste signalen zijn hoopgevend. Hij ziet na twee jaar al een ‘lichte toename’ van het aantal leerlingen dat na het vmbo op de school blijft om het mbo-diploma te halen.

Carduck: ‘In zijn algemeenheid vind ik dat leerlingen in Nederland veel te jong voor de keuze staan naar welke middelbare school ze gaan. We moeten af van de opvatting dat het systeem nu eenmaal zo werkt. Als vm-2 ertoe leidt dat minder jongeren voortijdig het onderwijs verlaten, dan mogen we toch hopen dat het niet blijft bij een experiment.’




Geef je reactie

Je kan een reactie ingeven op een artikel via jouw LinkedIn account.
We vragen je bij een reactie je voornaam, achternaam en functietitel - die tevens automatisch ingeladen zijn vanuit jouw LinkedIn profiel - in te vullen.

Via onderstaande link kan je inloggen met je LinkedIn account.
>> Aanmelden met je LinkedIn Account

lezersreacties (4)


13/05/2010
Rilana Beumkes , ambulant begeleider cluster 4

Ik vraag me wel af in dit hele verhaal waar de verantwoordelijkheid van de ouders is gebleven. Ouders zijn totdat hun kind 18 is verantwoordelijk voor het kind en daarmee ook verantwoordelijk voor het opgeven voor een nieuwe opleiding na het behalen van hun diploma. Juist omdat de hersenen van 16 jarigen nog niet zover zijn dat ze de consequenties van hun daden kunnen over zien. Dat heeft op zich niets te maken met een lange vakantie of niet.
Scholen moeten hierbij niet het eerste aanspreekpunt zijn, maar de ouders. Docenten in het MBO zouden zich minder bezig moeten houden met opvoeden, maar meer bezig zijn met het primair proces van kennisoverdracht. Coachen is prima, motiveren en stimuleren ook, maar de verantwoordelijkheid voor het binnenhouden van de leerlingen ligt niet voor het grootste gedeelte bij school, maar zou bij de ouders moeten liggen.
Uit onderzoek blijkt dat de interesse van ouders in de schoolloopbaan van hun kind positieve gevolgen heeft voor het verlopen van deze schoolloopbaan. Als daar eens mee begonnen wordt, zijn we al een heel stuk verder.
Je kunt trouwens ook je vraagtekens stellen bij de motivatie van de leerlingen als ze nog een aantal jaren op dezelfde school, in hetzelfde gebouw moeten doorbrengen als ze ook al van hun 12e tot hun 16e hebben gedaan. Ze zijn er op een gegeven moment gewoon aan toe om een stap verder te zetten en niet te blijven hangen op het vmbo, hoe mooi je het ook in wilt kleden.

12/05/2010
Hans Kruit

Natuurlijk is VM2 niet alleen de oplossing. Wat uit vele onderzoeken is gebleken is dat een mentor/docent/leraar de grootste rol vervult in het voor komen van voortijdig schoolverlaten. De leerling moet het gevoel hebben gekend en gevolgd te worden. Als hij er een uurtje niet is gelijk aangesproken te worden en bevraagd te worden waar hij dan wel was. De docent is verantwoordelijk voor een klimaat waarin de leerling zich niet alleen thuisvoelt maar waar ook structuur is en voorspelbare consequenties als een leelring spijbelt of te laat komt. Pas dan neemt het verzuim en VSV af.

12/05/2010
Hans Pollen

Naar Amarantis:
VM-2 is een stap in de goede richting. Wanneer het basisonderwijs wordt opgerekt naar 10 klassen en leeftijd 14, dan is er weer een overbodige breuk in doorlopende leerlijnen weggehaald. Ben benieuwd of daar ook experimenteer gelden voor komen. Nu ligt er een 'systeembreuk' in de overgang po-vo, EN is er veelal sprake van een 'breuk' in leerlijnen in de overgang van onderbouw naar bovenbouw in de vmbo's. Da's allemaal wat veel 'overgangen'.

Naar dhr. Hans Kruit:
Welke bijdrage kan een leerplichtambtenaar dan nog bieden in het voorkomen van verzuim en vsv, wanneer voornamelijk docenten het werk moeten doen?

12/05/2010
Paulo Moekotte

@Hans: op grond van een recent rapport van de Onderwijsraad ("Vroeg of laat") is OC&W absoluut niet van plan het PO te verlengen of iets aan de huidige manier van (volgens velen te vroeg) selecteren te doen.

VM2 is vooral preventief bedoeld terwijl de leerplichtambtenaar juist een curatieve functie heeft (alhoewel die grens niet altijd even duidelijk en scherp valt te trekken). En op het moment dat er curatieve acties nodig zijn, is het leed eigenlijk vaak al geschied.

Docenten hebben vooral een lesgevende taak maar zijn tevens een belangrijke factor als het gaat om het realiseren van een schoolklimaat dat erop is gericht op voortijdige uitval te voorkomen. Ondersteunende voorzieningen/taken rondom het leerproces (maar wel binnen de schoolorganisatie zelf) kunnen de verantwoordelijkheid zijn van coaches/mentoren of bijvoorbeeld loopbaanbegeleiders. Tijdig en consequent reageren op signalen als verzuim is daarbij een voorwaarde voor succes maar slechts een deel van de oplossing.


Zoek artikel

trefwoord moet minstens 3 karakters lang zijn
Ontslag , Verdien ik wel genoeg , Juridisch advies , Leukste baan , Special werken bij de overheid , Interview , Nieuws & Achtergrond , Columns , Speechdeskundige Bas Mouton , Migratiewijzer , Carrièretips , Loopbaancoach
topbanen
Andere sites van De Persgroep Nederland
© 2010 De Persgroep Nederland. Alle rechten voorbehouden. Lees de gebruiksvoorwaarden.
  • ACAP