
Je eerste gedachte bij techniek is: sleutelen, bouwen, rekenen, passen en meten. Toch zijn er allerlei plekken waar je technici nooit zou verwachten, maar maar je ze wel tegen het lijft loopt. In de kunst, het ontwikkelingswerk of de sport bijvoorbeeld.
|
‘Ik vind het prachtig om in de kunsten te mogen werken’
Algauw breidde het onderzoek zich uit naar andere metalen. Metaal heeft wel
iets stoers. Bij een voorwerp van gesmeden brons bijvoorbeeld zie je
jezelf al aan het aambeeld staan.’ Door zijn werk rond de
achteruitgang van kunstvoorwerpen ging Ankersmit zich afvragen: hoe
komt vervuilde lucht nu bij die objecten? Hoe komt lucht überhaupt het
museum binnen, behalve dan door de voordeur? |
|
‘Ik werk aan duurzame energie voor Oost-Afrika’ Het heeft Minda Groeneveld-Jusay (57) ruim dertig jaar gekost een baan te vinden waarbij ze haar technische achtergrond opnieuw kon gebruiken. Groeneveld studeerde elektrotechniek aan de universiteit van het op een na grootste Filipijnse eiland, Mindanao, en gaf er nadien les. Ze leerde er haar Nederlandse man kennen, met wie ze op haar 23ste meeging. Een baan in de techniek bleek in Nederland echter niet te vinden.
Bejaardenzorg
Uiteindelijk vond de Filipijnse een baan als administratief medewerkster op
de advertentieafdeling van De Gelderlander. Ze werkte er drie jaar
maar stopte toen ze kinderen kreeg, die inmiddels 30 en 29 zijn. Bij
het Koninklijk Instituut voor de Tropen gaf ze daarna af en toe
freelance lessen interculturele communicatie. Ze deed
vrijwilligerswerk op school, in bejaardentehuizen en bij
belangenorganisaties voor de Filipijnen en migranten.
Bijspijkeren Vrouwen in de stadsrand besteden minder geld aan houtskool, vrouwen op het platteland hebben meer tijd omdat ze minder hout moeten halen. Er hangt minder rook in huis, wat goed is voor de gezondheid van de bewoners. Technologie is vooruitgang. Jammer dat er maar weinig vrouwen in het Westen mee bezig zijn.’ |
|
‘De pop voor in de windtunnel heb ik zelf in elkaar geknutseld’ Bert van der Tuuk is met zijn vrouw eigenaar van het sportkledingbedrijf Sportconfex. Hij heeft de mts werktuigbouwkunde gedaan.
Als tiener deed Bert van der Tuuk (41) verwoed aan sport. Schaatsen in de
winter, wielrennen in de zomer: elke dag trainde hij twee tot drie
uur. Vooral dat eerste ’op een redelijk niveau’, lees: het niveau NK.
De jongens met wie hij toen wedijverde om de medailles, komt
bedrijfsleider Van der Tuuk nu vaak tegen als schaatscoach of
ploegleider. Zij geven belangrijke feedback over de schaatspakken die
Van der Tuuk levert. |
EscenicId: 754683