
Andrew Niemeijer (32), docent Engels op Het Atlascollege in Hoorn, is een jaar lang ambassadeur voor de leraren in het voortgezet onderwijs. Hij werd woensdag gekozen tot leraar van het jaar 2009. Zijn speerpunten: meer academici voor de klas, hogere beloningen en een aantrekkelijker lerarenopleiding.
Hoe is het leven van een leraar van het jaar?
'Nog drukker dan anders. Er komt echt wel wat op je af. Voorheen was niemand
erg geïnteresseerd in wat meneer Niemeijer van het onderwijs vond. Nu ben ik
woordvoerder van een groep van duizenden leraren.'
Waar ga je je voor inzetten?
'Er zijn veel te weinig academici in het onderwijs. Het evenwicht is zoek.
Het zou het onderwijs absoluut ten goede komen wanneer meer academici ervoor
kiezen voor de klas te gaan staan. Dat merk ik aan mezelf. Iemand die zelf
de vervolgopleiding heeft gedaan, kan zijn leerlingen daar ook beter op
voorbereiden. Zo’n voorbeeld kan inspirerend werken.
|
Tijdens de Nationale Onderwijsweek (van 5 t/m 10 oktober), die voor de zevende keer werd georganiseerd, werd de Leraar van het Jaar gekozen. Naast Andrew Niemeijer (in de categorie voortgezet onderwijs) zijn Tineke van der Steen (basisschool, Het Baken in Werkendam) en Harm den Dekker (middelbaar beroepsonderwijs, De Rooi Pannen in Tilburg) gekozen. De SBL (Stichting Beroepskwaliteit Leraren), die de jaarlijkse verkiezing organiseert, heeft als doel de kwaliteit van leraren op een positieve manier in beeld te brengen. Daarom richt de verkiezing zich op leraren die hun omgeving kunnen overtuigen van hun kwaliteiten en die hun leerlingen weten te inspireren. De eerste kwaliteitsindicatie is het oordeel van leerlingen, collega's, ouders en directie tijdens de aanmeldperiode. Daarna volgt een intensief jurytraject. Uit ruim 2.000 aanmeldingen werd in april een voorselectie gemaakt van achttien docenten. Die moesten zich voor een negen man sterke commissie presenteren. Daaruit zijn per categorie drie docenten genomineerd. De winnaars zijn gedurende het schooljaar 2009/2010 ambassadeurs van het onderwijs. |
'Maar dan moeten wel de beloningen omhoog. Je moet het voor academici aantrekkelijker maken om voor de klas te gaan staan.
'En verder kreeg ik deze week al een mailtje van een kennis die halverwege de lerarenopleiding is gestopt met de studie, omdat hij het een vreselijke opleiding vond. En met hem nog veel meer van zijn klasgenoten. Daar ga ik me dus ook mee bezighouden.
'En als er iets speelt in de actualiteit zal ongetwijfeld ook om mijn mening worden gevraagd.'
Krijgen de lessen Engels daar niet onder te lijden?
'Ongetwijfeld. Vorige week stapte er al een leerling op me af die tegen me
zei: ik weet eigenlijk niet of ik het wel zo’n goed idee vind als u wordt
gekozen, want dan zult u veel minder tijd over hebben om les te geven. En
dat is toch waarom ik ben gekozen tot leraar van het jaar.
'Maar de directie vindt het geweldig en die geeft me alle ruimte. Voor de school is het heel goed dat een docent op deze manier in de belangstelling staat. Want voor de school draait alles om aanmeldingen.'
En iedereen wil les hebben van de leraar van het jaar?
'Ach wat moet ik daarop zeggen. Mijn leerlingen hebben mij voor deze
verkiezing opgegeven.'
Wat maakt jouw lessen zo interessant?
'Ik versta mijn vak goed en ik heb er plezier in. Ik kies dingen die ik leuk
vind en die breng ik met passie. Mijn fanatisme wakkert de motivatie van de
leerlingen ook weer aan.
'Ik hou erg van toneel. Ik schrijf en bewerk toneelstukken voor mijn leerlingen en zorg ervoor dat iedereen daar een rol in heeft. Ook degenen die niet zelf op het toneel staan.'
Wanneer had je door dat je wel eens als winnaar uit de strijd zou kunnen
komen?
'Van de 2.100 leraren die werden voorgedragen zijn er in april zes
genomineerd. Het is wel een gek gevoel als jij daarbij hoort. Vervolgens
moest ik voor een zware commissie mijn nominatie verdedigen en bleven we nog
met zijn drieën over. Aan de ene kant is het net Idols, zonder camera’s,
maar tegelijkertijd is het een heel serieuze verkiezing. Het is geen
sms-show wie de coolste leraar is.
'Dus toen dacht ik: nu ik hier eenmaal ben, wil ik winnen ook.'
Nog niet gedacht: waar ben ik aan begonnen?
'Nee, ik vind het eigenlijk wel leuk. En ik ben nergens aan begonnen, het is
me overkomen.'