
Hij haalde de top in de reclamewereld door ‘nee’ te zeggen. Erik Kessels (39), oprichter van communicatiebureau KesselsKramer, dankt zijn succes aan eigenwijsheid.
Voor een bureau dat bedrijven helpt om vindbaar te worden, zijn jullie zelf knap lastig te vinden op internet.
‘Onze site is een parodie op internetsites. Er zitten honderd sites onder Kesselskramer.com, zoals een Zweedse camping en een tuinbedrijf. Je kunt van de ene naar de andere site gaan en al het werk dat we gemaakt hebben eronder vinden. Het is bijna een interactieve reis door ons werk. Duidelijk is anders, maar het is wel entertainment. We moeten het ook niet hebben van mensen die ons via internet vinden.’
Wie is het merk Erik Kessels?
‘Ik wil niet in een hokje te stoppen zijn. Dat vind ik ook leuk aan een muzikant als Brian Eno. Als je van hem een plaat zoekt in een cd-winkel, vind je die in vier of vijf verschillende categorieën. Wat me aanspreekt is disciplines met elkaar combineren en door elkaar laten inspireren. Mijn reclamewerk voor opdrachtgevers is geïnspireerd door mijn werk daarbuiten. Creativiteit gaat verder dan het maken van een spotje van dertig seconden of een dubbele pagina advertentie in een blad. Verder moet ik het vooral van mijn gedrevenheid hebben. Dat had ik op school al.’
Je hebt mts gedaan. Hoe ben je in de reclamewereld terechtgekomen?
‘Ik wilde etaleur worden, al vanaf mijn vijfde. Ik woonde in een dorp en waarschijnlijk was dat het meest creatieve beroep dat ik zag. Na de mavo ben ik meteen naar het Sint Lucas in Boxtel gegaan. Dat was een vierjarige mts voor etaleren, decoreren en reclametekenen. Na één uur etaleerles was ik er helemaal klaar mee.’
Je wilde nooit brandweerman of conducteur worden?
‘Nee, ik tekende altijd. Dat komt wel ergens vandaan. Ik had vroeger een zusje, dat op haar negende is verongelukt. Ze stak de straat over en iemand reed door rood. Ik was 11. Zoiets is dan heel ingrijpend, maar voor je ouders is het nog ingrijpender. Daarna was ik enig kind. Ik had buiten kunnen gaan klooien, maar ik ging op mijn kamer zitten en deed wat ik leuk vond: tekenen. Mijn ouders zag ik weinig, mijn moeder zegt ook eerlijk dat ze eigenlijk niet weet wat ik in de vier jaar na het ongeluk heb gedaan. Intuïtief voelde ik dat ik mijn ouders de ruimte moest geven. Ik had wel vrienden maar was vooral fanatiek aan het tekenen. Het was een soort therapie. Daar is de basis gelegd.’
Etaleren werd het dus niet?
‘Nee, maar er waren genoeg andere richtingen op school. Ik heb stage gelopen bij twee reclamebureaus in Eindhoven. Op mijn eerste stageplek tekende ik onder meer illustraties voor advertenties. Dat ben ik blijven doen, via een agentschap. Vanaf mijn achttiende kon ik mijn eigen broek ophouden. Ik verdiende al bijna meer dan mijn vader, die onderhoudsmonteur was in een fabriek. Hij tekende vroeger ook heel goed, maar in zijn tijd kon hij daar niet zijn werk van maken.
‘Toen ik veel tekende, merkte ik dat ik het niet alleen wilde werken. Tegen het einde van de mts wist ik dat ik de reclame in wilde, maar er ook andere dingen naast wilde doen. Ik ben overdag gaan werken bij reclamebureau Ogilvy & Mather in Eindhoven, ’s avonds deed ik in deeltijd de kunstacademie. Het reclamebureau had een talentenpool. Ik tekende voor drie jaar en kreeg het eerste jaar een opleiding. Ieder weekend kregen we les, conceptcursussen, en woensdag theorie. ’s Avonds deed ik op de kunstacademie schilderen en grafiek, autonome kunst. Ik zoog alles op.’
Je bent naar Amsterdam gegaan en uiteindelijk geheadhunt met collega Johan Kramer voor een Londens bureau. Hoe is het om als reclamemaker in Londen te werken?
‘We hadden in het begin wel communicatieproblemen. We lieten werk zien en kregen dan te horen: ‘That’s interesting’. Dachten wij ‘die is in the pocket’. Maar interesting betekent eigenlijk kut. Pas als ze ‘brilliant’ of ‘excellent’ zeggen is het goed.
‘Het naïeve van onze ideeën werd gewaardeerd. We werkten bijvoorbeeld voor Midlands bank. Er was toen veel fraude bij banken. We hebben de pensioenadviseur van het kleinste filiaal opgezocht, dat was Mike Lindlump bij het filiaal in Leicester. Hem hebben we uitgebreid geïnterviewd en daar een hele campagne omheen gebouwd.’
Waarom ben je teruggekomen?
‘Onze vriendinnen woonden hier en in Amsterdam kom je elkaar ook sneller tegen. Het was een natuurlijke overgang om voor onszelf te beginnen. We merkten dat opdrachtgevers direct met creatieven wilden werken en werden gebeld door Nederlandse bedrijven. We zijn hier toen klein begonnen maar groeiden snel. Toen we op zoek gingen naar één grote ruimte stond er een kleine advertentie in Het Parool: een kerk te huur of te koop op de Lauriergracht. We zijn gaan kijken, achter ons kwam meteen de Hare Krishna. We hebben het direct gekocht.’
Met je vriendin samen heb je drie kinderen. Is het niet lastig om zo’n druk werkend leven met een vol privéleven te combineren?
‘Ja, dat is lastig. Mijn vriendin is hoofd van de afdeling documentaire bij de IKON. We werken allebei vier dagen in de week en we wilden geen au pair in huis. Het blijft topsport; drie kinderen opvoeden. Ik probeer in ieder geval ’s avonds rond zeven uur thuis te zijn en begin ’s ochtends op tijd. Het is niet makkelijk. We vechten veel om de tijd. Maar veel vrouwen geven uiteindelijk hun werk te snel op als er kinderen komen. Ik denk dat het je relatie goed doet als je allebei uitdagingen in je werk hebt. Anders groeit het scheef. Je moet aan je kinderen denken, maar óók aan jezelf.’
Je bent nu op een comfortabel punt in je leven; je hebt een eigen bureau en de mogelijk heid om andere gebieden te verkennen, precies zoals je vroeger wilde. Wat wil je nu nog?
‘Je kunt niet achterover leunen, je bent zo goed als je laatste werk. We werken nu met tien nationaliteiten en ik wil meer internationaal werk doen. Daar moeten we voor vechten. Het is voor mij ook belangrijk om dingen door te geven aan andere creatieven.
‘Ik vind reclames maken één van de leukste dingen om te doen, maar als ik andere dingen erbij kan doen, nog beter. Verschillende disciplines combineren vind ik leuk. Het is nu nog in een soort van experimentele fase bij ons en in de branche. Het is goed om dat nog professioneler te maken en meer erkenning te geven.’
|
Wie is Erik Kessels? Geboren: 1966 in Roermond. Opleiding: mavo, mts in Boxtel en de Academie Beeldende Kunst in Breda. Carrière: Begonnen bij reclamebureau Ogilvy & Mather, vervolgens naar Kuipers & Schouten gegaan en het Engelse Chiat/Day. Zette in 1996 met Johan Kramer communicatiebureau KesselsKramer op. Hij werkte voor onder meer Nike, Audi, Het Parool en Heineken. Maakte daarnaast verschillende fotoboeken en stelde tentoonstellingen samen, waaronder KK Outlet, dat nog tot en met 28 januari 2007 te zien is in de Kunsthal te Rotterdam. |
Tips van Erik Kessels 1. Zeg nee. Je kunt concessies doen op het alledaagse niveau, maar blijf jezelf trouw. 2. Work hard and be nice to people. Dan kun je aan het eind van de dag fluitend de deur uitlopen. 3. Het leven is te kort om het met vervelende mensen door te brengen. |
In het weekblad Volkskrant Banen staan elke week interviews met prominente werknemers of werkgevers. Dit is een verkorte versie van het uitgebreide vraaggesprek van deze week. Klik hier voor eerdere interviews.